Hoelang blijven cmv-waarden toenemen na infectie?

L. , 33 jaar
7 januari 2020

Ik heb op 8 weken zwangerschap een eerste bloedonderzoek gehad. IgG positief, IgM grijze zone, aviditeit grijze zone. 2 weken later opnieuw een bloedonderzoek: IgG licht gestegen, IgM negatief, aviditeit 0,67 2 weken later opnieuw een bloedonderzoek: IgG licht gestegen, IgM negatief, aviditeit 0,70 Hoewel de resultaten individueel bekeken goed zijn, durft de gynaecoloog niet met zekerheid zeggen dat de infectie meer dan 3 maanden geleden was, omdat de IgG en de aviditeit licht zijn blijven doorstijgen. Mijn buikgevoel zegt: bekijk die resultaten los van elkaar (zoals de meeste mensen die maar 1 meting gehad hebben), maar met buikgevoel ben je natuurlijk niet veel. Kan een deskundige terzake hier wat extra duiding bij geven? Alvast bedankt!

Antwoord

Deze resultaten zijn gerusstellend om de volgende redenen:

1. Zwakke tot negatieve IgM wijst op een doorgemaakte infectie, wellicht reeds voor de bevruchting. Aviditeit is een moeilijke analyse met veel variabiliteit, of er hier effectief een evolutie is, is met deze waarden onzeker.

2. Bij een natuurlijk verloop onderdrukt het immuunsysteem het virus. Zelfs al was er nog geen volledige onderdrukking bij de bevruchting, de kans op overdracht naar de foetus in de eerste trimester is klein. Als het dan toch gebeurt, resulteert dit geregeld in een miskraam.

3. Uw buikgevoel is in deze niet alleen een toepasselijke maar ook correcte raadgever: elk van de metingen afzonderlijk geven op dat moment van de zwangerschap geen reden tot ongerustheid, en samen tonen ze geen overtuigende evolutie om te spreken van een zeer recente infectie: wellicht was het virus reeds onder controle van voor de zwangerschap en gaat uw kind geen hinder hiervan ondervinden.

Alvast een goede verderzetting van de zwangerschap!

Reacties op dit antwoord

Er zijn nog geen reacties op deze vraag.

Enkel de vraagsteller en de wetenschapper kunnen reageren op een antwoord.

Zoek andere vragen

© 2008-2021
Ik heb een vraag wordt gecoördineerd door het
Koninklijk Belgisch Instituut voor Natuurwetenschappen