Wat betekent het woord 'Madelstede'?

Herman, 73 jaar
25 augustus 2018

Is vaak de naam van een hoeve (Pollinkhove, Heuvelland) of van een (verdwenen) kasteel (Ter Madelstede).

Antwoord

Beste Herman,

Voor zo'n vraag kunnen we gelukkig een beroep doen op de Historische woordenboeken van het Instituut voor de Nederlandse taal: het Oudnederlands Woordenboek (ONW), het Vroegmiddelnederlands Woordenboek (VMNW), het Middelnederlandsch Woordenboek (MNW) en het Woordenboek der Nederlandsche Taal (WNT). Aan deze woordenboeken is meer dan honderdvijftig jaar gewerkt en dat merk je als gebruiker: ze bevatten een schat aan informatie over Nederlandse woorden en hun oorsprong. Alleen al het MNW en WNT nemen in een boekenkast vijf strekkende meter in, maar gelukkig zijn al deze woordenboeken tegenwoordig volledig gratis online raadpleegbaar samen met het Wurdboek fan de Fryske taal (Woordenboek der Friese taal, WFT). Je vindt ze hier: http://gtb.inl.nl

Maar dan uw concrete vraag. Madelstede is een samentrekking van twee elementen: madel en stede. Het tweede deel betekent 'plek' of ‘plaats’ (het moderne woord stad is ervan afgeleid). Het eerste deel komt van het Oudnederlandse mathal dat gebruikt werd als aanduiding voor een vergadering, meer bepaald een vergadering waar recht werd gesproken. Madelstede is oorspronkelijk dus een plek waar recht werd gesproken.

Doordat er weinig Oudnederlandse bronnen (dat wil zeggen bronnen van vóór het jaar 1200) zijn overgeleverd, vinden we daar geen voorlopers van het woord madelstede. De vorm mathalstedi is wel te veronderstellen op basis van het Oudnederlandse stedi en een plaatsnaam als Malburgen (thans een wijk in de Nederlandse stad Arnhem). Die naam luidt in oude bronnen Malberg en dat moet zijn ontstaan door het wegvallen van klanken uit het oorspronkelijke mathalberg.

Bij de geleidelijke overgang van het Oudnederlands naar het Middelnederlands werden de klinkers in lettergrepen zonder klemtoon zwakker (vogala werd bijvoorbeeld vogele). Door dat proces zal het veronderstelde mathalstedi langzamerhand zijn omgevormd tot madelstede, de vorm die u aanhaalt. In Vroegmiddelnederlandse bronnen (dat wil zeggen bronnen uit de dertiende eeuw) treffen we echter vooral de vorm maelstede aan. Dat madel- hier mael- is geworden is een mooi voorbeeld van syncope, het wegvallen van een klank. Dat is een bekend verschijnsel dat onder meer leidde tot het naast elkaar bestaan van verschillende vormen: mede naast mee, leder naast leer. In die dertiende-eeuwse bronnen wordt maelstede overigens enkel gebruikt als aanduiding van een specifieke plaats of persoon (bijvoorbeeld Jan van der Maalstede).

De algemene betekenis van maelstede of maelstat als ‘plaats waar recht wordt gesproken’ of ‘de plek waar men terecht moet staan’ is blijkens de vele citaten in het MNW in de middeleeuwen nog goed bekend (zie afbeelding). Hier en daar werd het woord echter ook breder gebruikt voor grote vergaderingen waar belangrijke zaken werden besproken. Tevens is er een betekenisontwikkeling naar ‘wettelijke woonplaats’ (de plaats waar men juridisch aan verbonden is), een betekenis die volgens het WNT nog in de zeventiende eeuw is aangetroffen. De namen van het kasteel en de boerderijen die u aanhaalt, zullen echter verband houden met de oorspronkelijke betekenis: ‘plaats waar recht wordt gesproken’.

Voor het beantwoorden van deze vraag heb ik gebruik gemaakt van de volgende artikelen (lemma’s) in de Historische woordenboeken:

  • ONW: mathal, mathalberg, stat, stedi

  • VMNW: maelstede, stat, stede

  • MNW: madelstede, maelstat, stede

  • WNT: maalstede, stad

Reacties op dit antwoord

Er zijn nog geen reacties op deze vraag.

Enkel de vraagsteller en de wetenschapper kunnen reageren op een antwoord.

Beantwoord door

Prof. dr. Remco Sleiderink

Oudere Nederlandse literatuur, met name van de middeleeuwen

Universiteit Antwerpen
Prinsstraat 13 2000 Antwerpen
http://www.uantwerpen.be

Zoek andere vragen

© 2008-2021
Ik heb een vraag wordt gecoördineerd door het
Koninklijk Belgisch Instituut voor Natuurwetenschappen