Kun je het geheugen vergelijken met een database?

Marcus, 67 jaar
15 juli 2015

Is het geheugen, dat tot stand komt door opgeslagen kennis via neuronen, een oproepen van de vroegere neurobinding omtrent iets? Ik denk dat een geheugen geenszins kan worden vergeleken met een soort van artificiële database. Zij is eerder een oproepen van een vroeger gemaakte link via de neuronen naar een object of subject toe. De vroeger gemaakte verbinding vervaagt en bij herinnering komt een nieuwe binding tot stand naar de oorspronkelijke binding, doch vanuit de perceptie van het herinneringsmoment (of m.a.w. de herinnering wordt getransformeerd). Herinnering heeft volgens mij te maken met overleving: dus vroege bindingen blijven, weliswaar vervormd. De kennis verkregen op oudere leeftijd kan moeilijker worden vastgehouden, wat een natuurlijk oordeel inhoudt of het organisme vraagt zich af waarom die kennis nog nodig is.

Is deze visie, weliswaar gevulgariseerd, aanvaardbaar?

Antwoord

Het geheugen is een constructief of opbouwend systeem omdat het inkomende informatie interpreteert, een groot aantal details verwijdert en de rest organiseert in betekenisvolle patronen. Deze geheugenpatronen lijkt slechts bij benadering op de externe stimuli die men ervaren heeft. Het is dus zeker niet zomaar een database.

Herinneringen aan ervaringen die door de zintuigen verwerkt zijn, gebruiken over het algemeen die delen van de hersenen waar die ervaringen in eerste instantie verwerkt werden. Zo is uit onderzoek gebleken dat wanneer iemand schade heeft aan een deel van de hersenen dat betrokken is bij sensaties, ook vaak de herinneringen aan die sensaties verdwijnen. Zo kan het zijn dat iemand zich niet meer kan voorstellen hoe kleuren eruitzien na beschadiging aan delen in de hersenen die kleuren verwerken. Een gekend voorbeeld is de artiest Jonathan. Jonathan was kunstschilder en werkte graag met levendige kleuren. Na een ongeval was hij niet meer in staat om kleuren waar te nemen. Na verloop van tijd vergat hij zelfs de namen voor kleuren en kon hij zich helemaal niet herinneren hoe bv. ‘rood’ er ooit had uitgezien.

Neurowetenschappers hebben aangetoond dat langetermijnherinneringen aan de synapsen beginnen met vluchtige chemische sporen die geleidelijk steviger worden en dan overgaan in meer permanente geheugensporen of synaptische veranderingen. Deze biochemische veranderingen worden lange termijn potentiatie genoemd.

Bepaalde delen van de hersenen, vooral in de frontale kwabben, verliezen massa bij het ouder worden. Maar dit resulteert niet in een algemene mentale achteruitgang. Wat wel bv. lijkt achteruit te gaan zijn taken die verbeelding vragen en van de leeftijd van 70/80 jaar is er een zekere achteruitgang in een aantal cognitieve mogelijkheden. Ondanks dat een aantal aspecten na de leeftijd van 60 jaar achteruitgaan, wil dit niet zeggen dat men minder waard wordt. Ouder worden heeft verschillende voordelen, zoals het respect dat men krijgt voor opgebouwde wijsheid. Belangrijk als oudere is actief en betrokken te blijven. Dit kan op allerlei manieren zoals bij een club gaan of tijd spenderen met kleinkinderen etc. Bovendien toont onderzoek aan dat een aantal aspecten beter worden bij het ouder worden, zoals woordenschat en sociale vaardigheden.
 

Reacties op dit antwoord

Er zijn nog geen reacties op deze vraag.

Enkel de vraagsteller en de wetenschapper kunnen reageren op een antwoord.

Beantwoord door

Prof. Dr. Gina Rossi

persoonlijkheid persoonlijkheidsstoornissen

Vrije Universiteit Brussel
Pleinlaan 2 1050 Elsene
http://www.vub.ac.be/

Zoek andere vragen

© 2008-2020
Ik heb een vraag wordt gecoördineerd door het
Koninklijk Belgisch Instituut voor Natuurwetenschappen