Hoe kan ik boekenschorpioenen in mijn bijenkast krijgen om varroa te bestrijden?

remko, 41 jaar
25 maart 2015

En zijn boekenschorpioenen te kweken?

Antwoord

Dag Remko,

Er zijn niet zoveel specialisten van pseudoschorpioenen in ons land. Ik heb Hans Henderickx in dat verband geconsulteerd en hij schrijft het volgende.

"Deze vraag werd me al dikwijls gesteld, men baseert zich op oude publicaties van Peter Weygold die bemerkte dat Chelifer cancroides in petrischalen Varroa-mijten eet. Spijtig genoeg is het verhaal dat Belgische pseudoschorpioenen onze bijen zouden kunnen redden van deze parasitaire mijt een urban legend. Commerciele firma's die pseudoschorpoenen verkopen en dubieuze verslagen zoals die van het beenature-project houden dit verhaal in leven.

Er is geen ernstige studie die het voordeel van pseudoschorpioenen in bijennesten van onze gedomesticeerde soort ter bestrijding van de Varroa mijten aantoont, en al zeker niet in verband met onze algemene pseudoschorpioen Chelifer cancroides of Cheiridium museorum (boekenschorpioen). Je kan evengoed om het even welke spinachtige in bijenkorven zetten in de hoop dat ze de mijten aanvallen. Bij onze enige Belgische commensale soort, de uiterst zeldzame Chernes vicinus, werd vermoed dat ze in houtmierennesten (Lasius fuliginosus) vooral mijten aten, maar in werkelijkheid is de biologie onbekend, en kan ze zich evengoed met het jonge mierenbroed zelf voeden. Feit is dat ze soms met honderden in één mierennest voorkomen.

In een petrischaal zullen alle pseudoschorpioenen Varroa-mijten eten (er bestaan filmpjes van), maar in een dergelijk kunstmatige omgeving eten ze alles wat beweegt, bijvoorbeeld ook andere pseudoschorpioenen.

In een bijenkorf ingebrachte pseudoschorpioenen zullen zich niet echt op Varroa gaan specialiseren, en als ze oud worden zullen ze verwijderd worden uit de korf door de bijen; ze gaan nooit in de bijenkorf kweken. Bovendien is het moeilijk om zelf pseudoschorpioenen te kweken, ze doorlopen 4 stadia, en de volwassenwording neemt wel een jaar in beslag. Het alternatief, in de natuur voldoende exemplaren vangen zou te veel tijd in beslag nemen.

Chelifer cancroides, waarvan bekend is dat ze in het oude stro van bijenkorven gevonden is, voedt zich voornamelijk met stofluizen en komt bij ons vooral voor in oude stallen, ik vond ze in paarde- en geitestallen tussen het stro. De enige Belgische soort waarvan op enkele uren vrij gemakkelijk enkele tientallen exemplaren levend kunnen gevangen worden is Dactylochelifer latreillei, ze kan met bosjes uit helmgras aan de zeekant van duinen worden geschud. Maar ook deze soort inbrengen in bijenkorven zou voorspelbaal desastreus aflopen, het is helemaal niet vanzelfsprekend om met succes dieren uit een specifieke ecologische structuur over te brengen naar een andere specifieke levensgemeenschap.

Allochernes wideri, die vrijwel uitsluitend in vogelnesten in holle bomen voorkomt en daar van mijten en luizen leeft, kende ik maar van één holle boom, die ondertussen omgezaagd is. Ik vrees echter dat de bijen in korven alle pseudoschorpioensoorten al snel zouden buitensmijten.

Als we erin zouden slagen een Afrikaanse bijensoort samen met zijn bijbehorende pseudoschorpioen economisch rendabel in België te kweken zie ik nog een kans, maar dit zal niet gemakkelijk zijn, gezien het klimaatsverschil. Er is een publicatie over: "Remarques sur un pseudoscorpion vivant dans les ruches .."., het gaat om de Afrikaanse pseudoschorpioen Ellingsenius hendrickxi Vachon, 1954, die zich gespecialiseerd heeft aan het leven bij bijen."

 

Beste groeten,

Rudy

Reacties op dit antwoord

Er zijn nog geen reacties op deze vraag.

Enkel de vraagsteller en de wetenschapper kunnen reageren op een antwoord.

Beantwoord door

dr Rudy JocquĆ©

Arachnologie Zoƶlogie Biodiversiteit

Koninklijk Museum voor Midden-Afrika
Leuvensesteenweg 13 3080Tervuren
http://www.africamuseum.be

Zoek andere vragen

© 2008-2021
Ik heb een vraag wordt gecoördineerd door het
Koninklijk Belgisch Instituut voor Natuurwetenschappen