Is het zo dat de soort homo sapiens op een zeker moment ontstaat, groeit naar een hoogtepunt om daarna te degenereren en te verdwijnen?

Eric, 71 jaar
23 april 2013

En is dit voor elke soort zo? (Ik sluit catastrofen uit.)

Antwoord

Een soort, elke soort dus, is in feite een momentopname. Want soorten veranderen continu. Sommige soorten zijn in de loop van de evolutie overgevloeid in andere, terwijl sommige soorten zijn uitgestorven. Er zijn echter soorten die lange tijd aanwezig blijven zonder schijnbaar veel te veranderen. Men spreekt dan wel eens van "levende fossielen", waarmee bedoeld wordt dat de soort in kwestie er al heel lang geleden was en er gelijkaardig uitzag (al kan meestal niet uitgesloten worden dat er bepaalde inwendige of moleculaire veranderingen hebben plaatsgehad die men niet kent). 


Bijvoorbeeld de Coelacanth, een vis die in de Indische Oceaan leeft en waarvan er fossielen bestaan die ongeveer 400 miljoen jaar oud zijn. Andere voorbeelden hiervan zijn de Nautilus (een weekdier), de Degenkrab, het Vogelbekdier, de Ginkgo (boom), blauwwieren, enz. Dus sommige soorten kunnen heel succesvol zijn en heel lang meegaan zonder veel te veranderen, en zijn er bovendien in geslaagd massale uitstervingsperioden (katastrofen) te overleven. Veel andere soorten waren minder goed aangepast en verdwenen.

Maar het is dus niet zo dat wat u stelt een algemeen principe zou zijn van de evolutie. Met andere woorden, het is best mogelijk dat onze soort nog heel lang zal bestaan. We zijn trouwens nog een zeer jonge soort - ongeveer 200.000 jaar - vergelijk dat eens met de Coelacanth! Bovendien kunnen wij ons zeer goed aanpassen aan veranderende omstandigheden. Het is ook niet zo dat soorten degenereren. Het is het milieu waarin ze leven dat kan veranderen, waardoor de soort niet meer goed aangepast is en dan verdwijnt.

Reacties op dit antwoord

Er zijn nog geen reacties op deze vraag.

Enkel de vraagsteller en de wetenschapper kunnen reageren op een antwoord.

Zoek andere vragen

© 2008-2020
Ik heb een vraag wordt gecoördineerd door het
Koninklijk Belgisch Instituut voor Natuurwetenschappen