De wetenschap kon het bestaan van God tot nu toe niet bewijzen. Maar hoe verklaart de wetenschap dan de herkomst van de dingen (zowel het proces als de materie die er voor nodig was)?

Kevin, 31 jaar
3 juni 2008

Atheïsten grijpen vaak naar het argument dat het bestaan van God niet kan bewezen worden, om te 'bewijzen' dat die dan ook niet kán bestaan.
Daarbij verwijst men meestal ook naar de wetenschappelijke verklaring voor het ontstaan van de aarde en het leven dat er op voor komt, verklaring waarin men geen God nodig heeft om het hele proces logisch te laten klinken.
Ik vraag me in dit licht af welke verklaring de wetenschap geeft aan de aanwezigheid op zích van de elementen die gans dat proces mogelijk maakten en maken (de materiële bouwstoffen, de natuurlijke omstandigheden,...). Je kan immers teruggrijpen naar de oersoep om het ontstaan van levende wezens te verklaren, maar wie bereidde dan die soep, en wie zorgde voor de ingrediënten, en waar kwamen dié dan weer vandaan... Op het heden toegepast hetzelfde: de conceptie en groei van een mens uit een zaadcel en eicel is glashelder te verklaren, maar wat zegt de wetenschap over de 'onzichtbare kracht' die er voor zorgt dat die twee samensmelten en vervolgens tot een (ingewikkeld gebouwde) mens uitgroeien?

Antwoord

In eerste plaats kan best gezegd worden dat de vraag of er wel of niet een God bestaat (of elk ander type  bovennatuurlijke wezens), buiten de wetenschap valt. De wetenschap noodzaakt namelijk dat hypotheses (herhaaldelijk) kunnen getest worden, waardoor er motivaties zouden moeten toegeschreven kunnen worden aan het bovennatuurlijk wezen in kwestie en er bijgevolg patronen zouden moeten merkbaar (kunnen) zijn die de acties van het bovennatuurlijk wezen onderscheiden van pure willekeur. Hoewel het gebrek hieraan inderdaad betekent dat er wetenschappelijk gezien geen reden is om het bestaan van een bovennatuurlijk wezen te veronderstellen, is dit niet hetzelfde als een bewijs dat er geen bovennatuurlijk wezen bestaat. Vanuit een filosofisch standpunt kan dit echter wel gezien worden als een verantwoording om niet in bovennatuurlijke wezens te geloven.

Met betrekking tot de vraag of, in essentie, het bestaan van het universum impliceert dat 'iets' het universum moet gecreëerd hebben, kan enerzijds de vraag gesteld worden hoe het universum er zou uitzien indien er geen bovennatuurlijk wezen was dat het gecreëerd had, en anderzijds hoe dat dat bovennatuurlijk wezen zelf ontstaan is. Dit laatste geeft weer dat er op een bepaald moment en voor een bepaald niveau moet gesteld worden dat 'het bestaat omdat het bestaat', of het nu over het universum zelf gaat of over het bovennatuurlijk wezen dat het universum zou gecreëerd hebben. Dit is een kwestie die in zijn geheel buiten de wetenschap valt en dus eerder als een puur filosofische, persoonlijke vraag zou moeten opgevat worden.

Deze kwestie wordt echter niet weerspiegeld in het samensmelten van twee menselijke geslachtcellen en het zich ontwikkelen van de zygote tot een nieuwe mens. Er bestaan namelijk een enorm aantal wetenschappelijke studies die een belangrijk aantal facetten van zowel deze samensmelting als de verdere ontwikkeling hebben onderzocht. Hierbij bleek steeds dat deze onderdanig zijn aan de normale fysische, chemische en biologische wetmatigheden die ook op andere vlakken van de wetenschap werkzaam zijn, waardoor er geen aanleiding is om het bestaan van een 'onzichtbare kracht' te veronderstellen. Als deze wel bestaat, heeft ze totnogtoe geen enkel spoor achtergelaten bij al deze studies, zodat (indien ze toch bestaat) het de vraag is welke functie ze dan wel zou vervullen.

Reacties op dit antwoord

  • 03/06/2008 - Kevin(vraagsteller)

    Hartelijk dank voor uw uitleg. Ik begrijp zeker dat het zoeken naar een herkomst van de dingen of naar een bewijs voor het (niet) bestaan van 'een God' vooral een filosofisch vraagstuk is en dat de (exacte) wetenschap er geen nood aan heeft deze vraag te stellen, laat staan er een antwoord op te formuleren. Maar het verwondert mij toch dat men de orde in de natuur (die er wel degelijk is!) steevast schijnt te willen loskoppelen van de vraag of er een ‘bovennatuurlijk iets of iemand’ is die die orde al dan niet opzettelijk heeft gecreëerd. Lucretius stelde in de Oudheid al dat de dingen ontstonden doordat atomen zich toevallig gingen verzamelen. Dit geeft echter geen antwoord op de vraag waar die atomen dan wel vandaan kwamen en waar de basis ligt van het concept ‘toeval’. Is het trouwens geloofwaardig te stellen dat de complexe structuren en processen die je terugvindt in de natuur of het vóórkomen van natuurlijke wetmatigheden - met hun vaak zeer precieze werking en onderlinge invloed - allemaal terug te brengen zouden zijn op dat éne toeval, of nog straffer, op meerdere ‘toevallen’ die ‘toevallig’ als een puzzel in elkaar pasten? Je zou uit mijn vragen een neiging naar het creationisme of intelligent design kunnen afleiden, maar dat is niet het geval: ik ben zeker een aanhanger van de evolutietheorie en ik geloof zeker dat toeval hier en daar zijn rol kan hebben gespeeld. Maar ook voor de ‘wetenschappelijke’ evolutietheorie geldt dezelfde vraag: je kan de evolutie wetenschappelijk verklaren en aantonen, maar wie of wat heeft die evolutie dan in gang gezet en gezorgd voor de basisbouwstenen die er voor nodig waren….? Maar zoals gezegd: ik begrijp dat dit een filosofisch vraagstuk is, dat je niet kort en rechtlijnig kan beantwoorden - zeker als je a priori al niet wakker ligt van de vraag.

Enkel de vraagsteller en de wetenschapper kunnen reageren op een antwoord.

Zoek andere vragen

© 2008-2018
Ik heb een vraag wordt gecoördineerd door het
Koninklijk Belgisch Instituut voor Natuurwetenschappen