Hoe komt het dat phasmiden die zich parthenogenetisch voortplanten, toch generatie na generatie zwakker worden?

Sophie, 21 jaar
22 mei 2008

Bij het kweken van wandelende takken stelt men dit vast: bepaalde soorten lijken generatie na generatie moeilijker te worden, er is meer sterfte of de dieren worden kleiner en kleiner (dit stelt men trouwens ook vast bij dieren die zich seksueel voortplanten). Zijn parthenogenetisch verkregen dieren dan geen exacte kopie├źn van de volwassen vrouwtjes, zodat ze in principe dezelfde kenmerken moeten vertonen en dus eigenlijk niet zwakker kunnen worden dan de generatie ervoor?

Antwoord

Het erfelijk materiaal, DNA, ondergaat voordturend mutaties. Dit is in de eerste plaats het gevolg van de fouten die gemaakt worden tijdens de DNA-replicatie, en ook de fouten die optreden tijdens mitose en meiose. Deze processen zijn niet perfect! Het voordeel van seksuele voortplanting is dat nadelige mutaties kunnen weggewerkt worden omdat er nieuwe combinaties van genen van de twee partners gevormd worden (principes van DNA-recombinatie/cross-over, willekeurige verdeling van allelen tijdens de gametenvorming, willekeurige samensmelting van gameten). Parthenogenese is een vorm van aseksuele voortplanting, waarbij deze "herstelmechanismen" niet voorkomen, dus mutaties worden gewoon doorgegeven naar het nageslacht. Deze mutaties stapelen zich op bij elke generatie. Gevolg: degeneratie van het nageslacht.

Reacties op dit antwoord

Er zijn nog geen reacties op deze vraag.

Enkel de vraagsteller en de wetenschapper kunnen reageren op een antwoord.

Zoek andere vragen

© 2008-2020
Ik heb een vraag wordt gecoördineerd door het
Koninklijk Belgisch Instituut voor Natuurwetenschappen