Waarom kunnen we sterren zien die achter de maan staan?

Bart, 51 jaar
24 oktober 2011

Door het effect van de aberratie van het licht zien we sterren tot 20,5 boogseconden verschoven ten opzichte van de werkelijke richting van deze sterren.

Van het licht dat gereflecteerd wordt door de maan weten we het nauwelijks onderworpen is aan het effect van aberratie (omdat de snelheid van de maan ongeveer gelijk is aan dat van de aarde).

Als we sterren kunnen waarnemen die zich tot 20,5 boogseconden bevinden achter de rand van de maan, wil dat dan zeggen dat het licht van deze sterren in een boog omheen de maan gaat?

Antwoord

Dit komt doordat voorwerpen met (een zware) massa licht kunnen afbuigen. Men noemt dit een gravitationele lens. Dit lens-effect treedt op, wanneer waarnemer, zwaartekrachtveld (lens) en achterliggende voorwerp (bron) ongeveer op één lijn staan. De zwaartekracht of gravitatie van de lens met massa kan voorbijgaand licht afbuigen rond zich, waardoor het zichtbaar wordt voor de waarnemer.

Reacties op dit antwoord

  • 20/03/2012 - Bart (vraagsteller)

    Ik begrijp dat voorwerpen met (een zware) massa licht kunnen afbuigen maar ik neem aan dat de maan heeft onvoldoende massa om het licht te buigen. De mate waarin het licht van de sterren wordt afgebogen wijzigt niet ingevolge de aanwezigheid van de maan maar kan exact berekend worden volgens de theorie van de aberratie van het licht. Wat wel 'vreemd' is dat de maan zich bevindt op de rechte lijn tussen de waarnemer op de aarde en de actuele richting van de ster. Enkel de 'apparent direction' bevindt zich naast de maan. Ik de probleemstelling en mogelijke verklaring proberen te verduidelijken in: http://gsjournal.net/Science-Journals/Essays/View/4044

  • 28/03/2012 -  (wetenschapper)

    De aberratie van het licht is gelijkaardig aan wat we ervaren als we met de fiets door de regen rijden: zelfs als er geen wind is, en de regen recht naar beneden valt, krijgen we water in ons gezicht. Toch valt het water recht naar beneden; het krijgt zijn horizontale component van snelheid doordat wij rijden. Door de beweging van de Aarde omheen de Zon treedt een analoog effect op: we zien het licht van een object meer van voor ons komen dan het echt komt. Maar vergeet niet: het licht maakt op zichzelf helemaal geen boogje, wij zijn het die bewegen. Het geval met de Maan zoals u het beschrijft, kan je vergelijken met een fietser met een paraplu in de regen. Als hij snel rijdt, krijgt hij toch water in het gezicht. Het water dat op hem valt, is niet dat wat recht naar hem toe is gestuurd, maar datgene dat eigenlijk een beetje verder hoorde te vallen. En dat is dus ook het geval met de aberratie van het licht. Het is niet zo dat dat l;icht een boogje omheen de Maan maakt om toch bij ons terecht te komen. Het blijft licht dat we nooit zouden zien indien we stil stonden: dan zou de Maan het voor ons verduisterd hebben. Maar doordat we bewegen, zien we licht dat voor verder bestemd was, en dus nog net niet door de Maan werd tegengehouden.

Enkel de vraagsteller en de wetenschapper kunnen reageren op een antwoord.

Beantwoord door

Dr. Jan Buytaert

Biomedische Fysica en Optica: *midden- en binnenoor mechanica *elektro-optica *tomografie *interferometrie *3D beeldvorming *endoscopie *beeldverwerking *profilometrie *topografie *programmeren *klassieke fysica

Universiteit Antwerpen
Prinsstraat 13 2000 Antwerpen
http://www.uantwerpen.be

Zoek andere vragen

© 2008-2020
Ik heb een vraag wordt gecoördineerd door het
Koninklijk Belgisch Instituut voor Natuurwetenschappen