Welke soort nieuwe woorden hebben de meeste kans om lang in de taal te blijven bestaan en waarom?

luuk, 17 jaar
22 november 2010

Welke soort nieuwe woorden hebben het meeste kans om lang in de taal te blijven bestaan en waarom?

Antwoord

Beste Luuk Luuk,

De woorden die de grootste kans hebben om in de taal te blijven bestaan zijn... de woorden die het gewoon meest frequent zijn!

Integenstelling tot wat sommigen misschien zouden denken zijn dat geen woorden voor dingen zoals 'stoel', 'vork' of 'hond' en zo. De meest frequente woordjes in elke taal (dit is dus universeel op de wereld) zijn de grammaticale functiewoordjes zoals 'de', 'het', 'ik', 'dan', 'en' en dergelijke.

Het lidwoord 'de' is het meest frequente woord, en de frequentie ervan is bizar genoeg behoorlijk stabiel: in elke tekst die je leest of elke redevoering die je hoort zal het zo'n 34% van alle woorden beslaan. Het daarop volgende frequente woord is 'ik'.

Van de woorden die wat meer inhoudelijke betekenis hebben (want wellicht gaat daar je vraag over) is er ook een universeel principe: met name, dat het volstrekt onvoorspelbaar is wat ermee zal gebeuren! Lees: er is dus niet echt een antwoord op je vraag.

Van een woord als 'ipad' hangt het er bijvoorbeeld maar af in hoeverre het ding dat erdoor aangeduid wordt in onze samenleving zal blijven meegaan. Zo is 'gsm' bijvoorbeeld vandaag frequenter dan 'telefoon', en daarvoor was 'telegraaf' nog het frequentste (maar dat is al een heuse tijd geleden).

Voor alle inhoudswoorden in het algemeen geldt evenwel nog het meest de vergelijking met wat er gebeurt op financiële markten, waarover sinds een jaar of twee zoveel te doen is: op voorhand is het nooit eenduidig voorspelbaar welke evoluties zich zullen inzetten, maar zodra een bepaald verschijnsel plots aan frequentie wint, kun je ervan op aan dat het nog een tijdje zal blijven meegaan.

Reacties op dit antwoord

Er zijn nog geen reacties op deze vraag.

Enkel de vraagsteller en de wetenschapper kunnen reageren op een antwoord.

Zoek andere vragen

© 2008-2019
Ik heb een vraag wordt gecoördineerd door het
Koninklijk Belgisch Instituut voor Natuurwetenschappen