Hoe komt het dat we in onszelf kunnen denken, dus eigenlijk onze eigen stem in ons hoofd kunnen horen?

Dries, 23 jaar
12 mei 2008

Bestaat er een verklaring voor deze innerlijke stem? Zijn het gewone hersenprocessen? En hoe ontstaan ideëen? Toevallige verbindingen tussen hersenneuronen?

Antwoord

Beste Dries,

Volgens de bekende Russische psycholoog en filosoof Vygotsky is denken een vorm van verinnerlijkte spraak, een soort van dialoog met jezelf. Tijdens het proces van taalverwerving leert een kind om met anderen via spraak te communiceren en zijn gedachten vorm te geven. Wanneer het dit voldoende onder de knie heeft, zou die aangeleerde sociale vorm van taalgebruik geïnterioriseerd worden en aanleiding geven tot een interne dialoog tussen de persoon en zichzelf. Als je met anderen kan praten over de omgeving enz., waarom niet (stilletjes) met jezelf? Zo speel je dus tegelijk de rollen van spreker en ontvanger en kan je ook hierdoor kritisch over je eigen gedachten reflecteren (in de rol van de ontvanger).

Er zijn diverse argumenten aan te halen waarom denken in taal (verinnerlijkte spraak) moet verlopen. Het belangrijkste is dat taal een middel is om de werkelijkheid waarover je nadenkt voor te stellen (in woorden, nl. symbolen voor dingen/fenomenen/..., en in zinnen, nl. combinaties van zulke symbolen). Die voorstelling van je gedachten in taal zorgt ervoor dat je gedachten kan vasthouden, dat ze niet bij je opkomen en meteen weer weg zijn. Taal is een code waarmee je gedachten codeert in taal en ze zo tot manipuleerbare objecten maakt, die zich lenen tot redeneringen enz.

Denken zonder taal is echter in zekere zin ook wel mogelijk. Bijvoorbeeld, bepaalde geometrische verhoudingen kan je ook zonder taal detecteren. Ook (sommige) programmeurs kunnen op beelddenken terugvallen. Dat doen ze bijv. als ze alle getallen in een tabel willen bewerken (bv. verdubbelen). Dan kan een beelddenker een 'wijzertje' zien lopen in kolom 1 van de cel op rij 1 tot de cel op rij n en dat proces opnieuw zien bij kolom 2 enz. tot kolom n. Het algoritme (in woorden) kan dan heel gemakkelijk uit dit beeldenken worden afgeleid:

herhaal voor elke kolom, start= kolom1:
herhaal voor elke rij in die kolom, start=rij1:
   vermenigvuldig getal in cel met 2
ga naar volgende rij
indien laatste rij bereikt is, ga naar volgende kolom
indien laatste kolom bereikt is, exit

Maar, zoals je merkt, stuurt het beelddenken weliswaar het denken maar wordt dit denken toch opnieuw omgezet in een (talig) algoritme, dat minder vluchtig en concreter is, en dat vervolgens naar echte programmeertaal (ook een taal!) zal worden omgezet.

Kortom: denken (in de vorm van redeneren!) zonder taal als houvast (letterlijk: middel om je ideeën vast te houden) is zo goed als onmogelijk.

Hoe ideeën ontstaan, is niet zo evident. Vaak ontstaan die omdat iemand anders iets zegt en dat bij de toehoorder een nieuwe idee opwekt (associatief denken, bekend verschijnsel in groepen: persoon x zegt iets, persoon y pikt erop in en na enkele minuten weet niemand meer hoe men tot dat laatste topic is gekomen; het is een associatieve ketting geworden). Vaak ontstaan ideeën ook op basis van een prikkel uit de externe of interne realiteit (bv. een mededeling op het journaal, het zien van het weer, een gevoel van pijn in je maagstreek). En soms ontstaat een idee als een soort 'pop up' op een computerscherm: het is er, je hebt er niet om gevraagd en plots dringt de gedachte zich op, zonder een (voor ons) verklaarbare reden. Volgens mij is er vooralsnog te weinig bekend over hoe ideeën gevormd worden om hier degelijk onderbouwde wetenschappelijke uitspraken over te doen. Maar de bovenstaande classificatie lijkt me alvast een aannemelijk begin.

Misschien een leuke paradox die je in het domein van de filosofie maar eigenlijk ook op het gebied van de cognitieve wetenschap kan plaatsen: kan je een gedachte bewust willen tijdens een redenering? Natuurlijk kan je zeggen: "Nu wil ik aan een witte beer denken" - dat is jezelf een instructie geven. Maar dat bedoel ik niet. Wat ik bedoel is of je je volgende gedachte tijdens een spontane gedachtegang kan programmeren. Volgens mij niet. Immers, als jij op een moment tegen jezelf zegt: "Ik wil nu Y denken want dat sluit goed aan op X" dan heb je op een vorig moment Y al gedacht ! Anders had je de instructie niet kunnen geven. En als je Y al gedacht had en je hebt alles met je wil onder controle, dan moet je op een nog eerder moment beslist hebben om te zeggen: "Ik wil Y denken". Maar dan kom je natuurlijk in hetzelfde probleem terecht en zo gaat dat oneindig lang door. Het lijkt er dus veeleer op dat ons bewuste 'ik' niet bepaalt wat de volgende gedachte zal zijn (wat niet betekent dat er geen interne logica zou inzitten).

Dit zou betekenen dat we veel minder vrijheid hebben in wat we denken dan we zelf wellicht graag zouden hebben. Misschien verklaart dit ook dat de logica achter een redenering pas helemaal op het einde wordt opgebouwd, nadat de redenering in stukjes en brokjes tot stand is gekomen (met vallen en opstaan). In dat ruwe materiaal wordt dan een logische rode draad getrokken en zo ontstaat een logische redenering - maar die was niet logisch bij haar ontstaan.

Reacties op dit antwoord

Er zijn nog geen reacties op deze vraag.

Enkel de vraagsteller en de wetenschapper kunnen reageren op een antwoord.

Zoek andere vragen

© 2008-2020
Ik heb een vraag wordt gecoördineerd door het
Koninklijk Belgisch Instituut voor Natuurwetenschappen