Na Richard Dawkins' boek 'The God Delusion' te hebben gelezen kwam ik tot de vaststelling dat het menselijk brein evolutionair gezien ooit zou baat gehad hebben bij een godsbeeld. Zowel sociale als individuele redenen kwamen hiervoor in aanmerking. Nu, enkele duizenden jaren later, zou deze predispositie niet langer relevant zijn en dus een overbodig onderdeel zijn van onze neuronale structuur. Net zoals andere gedragingen niet langer relevant zijn maar wel nog soms te kop op steken.
Kan u mij vertellen waarom dit alles precies het geval is ? En wel meer bepaald m.b.t. het godsbeeld dat velen onder ons soms instinctief lijken te ontwikkelen?
De hypothese stelt dat het vermogen tot religieus denken het een individu gemakkelijker maakt(e) om onvoorwaardelijk, zonder nadenken, de groepsnorm te hanteren. Dit is belangrijk bij mensen omdat we zo'n sociale wezens zijn. We smeden hechte en langdurige verbonden tussen individuen die niet eens verwant zijn of toch geen directe familie zijn. Dit stelt het verbond, of de gemeenschap, tot veel in staat. Vroeger had het te maken met jacht op of bescherming tegen veel grotere en sterkere dieren, of oorlogsvoering tegen andere (concurrerende) groeperingen. Maar nu nog zijn mensen tot veel opoffering bereid namens de eigen groep (tot en met het eigen leven).
Er zijn nog geen reacties op deze vraag.
Enkel de vraagsteller en de wetenschapper kunnen reageren op een antwoord.