Het korte antwoord is 'acht'.
Een iets lanher abtwoord is 'Acht, namelijk Mercurius, Venus, de Aarde, Mars, Jupiter, Saturnus, Uranus en Neptunus'.
Op de vraag gesteld op 9 december over wat een object in het zonnestelsel een 'planeet' maakt, heb ik toen het volgende geantwoord:
De definitie die de Internationale Astronomische Unie in 2006 opgesteld heeft voor een 'planeet' is als volgt:
Een planeet is een hemellichaam dat
1. zich in een baan rond de Zon beweegt;
2. voldoende massa heeft zodat de zelfgravitatie (de aantrekking die de
planeet op zichzelf uitoefent als gevolg van haar masa) de krachten
binnen de planeet zo overheerst dat ze een nagenoeg ronde vorm aanneemt
(een oppervlak dus waar niets meer naar beneden kan glijden);
3. haar omgeving opgeruimd heeft (met andere woorden: ze heerst alleen in haar baan).
Het is aan dit laatste criterium dat Pluto niet voldoet. Sinds 1992
zijn honderden objecten, sommige vergelijkbaar met Pluto in afmetingen,
ontdekt met banen in de omgeving van Pluto. Men beschouwt Pluto nu
veeleer als een van de grootste objecten in een gordel van 'kleine
planeten' voorbij Neptunus, zoals men voorheen al de asteroidengordel
van kleine planeten kende tussen Mars en Jupiter. Er steekt meer
achter dan alleen nomenclatuur: in het begin van het zonnestelsel zijn
de planeten juist gevormd door het samenklitten van kleinere objecten,
en in die zin is Pluto veeleer een brokstuk onderweg om een planeet te
vormen (die er nooit zal komen).
De kleine planeten die dus niet voldoen aan criterium 3, maar wel aan
criterium 2 (ze zijn ongeveer rond), heeft men als troostprijs
'dwergplaneet' gedoopt. Binnen de asteroidengordel voldoet Ceres
hieraan, voorbij Neptunus naast Pluto ook Eris, Makemake en Haumea. De
vele grote satellieten van sommige planeten, zoals de onze, worden wel
uitgesloten van deze definitie.
Tot op zekere hoogte is de hoger vermelde definitie knoeiwerk. Volgens
criterium 1 zijn de 'exoplaneten' die we nu talrijk rond andere sterren
ontdekken geen planeten. De term 'nagenoeg rond' in criterium 2 klinkt
niet erg wetenschappelijk. En strikt genomen sluit criterium 3 zelfs
de grootste planeet, Jupiter, uit, want Jupiter heeft juist een aantal
kleine planeten, de Trojanen, ingevangen in zijn baan, 60 graden voor
en 60 graden achter de planeet.
Oorspronkelijk betekende 'planeet' dwaalster (daar waren voor de
Grieken ook Zon en Maan bij), in tegenstelling met de 'vaste' sterren.
Nu weten we dat die ook niet vast zijn, maar erg traag bewegen aan de
hemel. Het enige dat we aan de hemel niet kunnen zien bewegen, zijn we
zelf, de Aarde waar we op staan. Nochtans, sinds Copernicus is ook de
Aarde een planeet geworden! Je ziet maar, het is een aaneenschakeling
van gekke toestanden, die er gelukkig niet veel toe doen. Niet de naam
is belangrijk, wel wat het allemaal betekent.
Er zijn nog geen reacties op deze vraag.
Enkel de vraagsteller en de wetenschapper kunnen reageren op een antwoord.