Er komt kalkneerslag na opwarmen van (leiding)water in buizen en ketels...
Volgens mijn kennis lossen minerale zouten beter op bij hogere temperatuur.
Wanneer de recipiƫnt hervuld en opgewarmd wordt lost die neerslag niet terug op.
Gebeurt er een scheikundige verandering waardoor de calciumionen in de oplossing onder invloed van warmte een andere molecule vormen die onoplosbaar is geworden?
Hallo Godfried,
Je hebt overschot van gelijk en trekt zelf meteen ook de juiste conclusie. Niet alle, maar wel de meeste zouten lossen beter op in warm dan in koud water, en ketelsteen is duidelijk minder oplosbaar geworden. Er heeft dus inderdaad een scheikundige verandering plaatsgevonden.
In hard water zitten veel calciumionen opgelost onder de vorm van hun bicarbonaat. Bicarbonaat - HCO3- - kan met zichzelf reageren tot CO32- (carbonaat) en H2CO3 (koolzuur). En daar zit het hem precies - carbonaat zelf is minder oplosbaar dan bicarbonaat. Bovendien is de oplosbaarheid voor gassen exact omgekeerd als voor zouten - hoe heter je water maakt, hoe minder gas erin zal oplossen. H2CO3 valt uit elkaar in koolzuurgas (CO2) en water, en het koolzuurgas onstnapt uit de hete oplossing omdat het er slecht in oplost. Langzaam maar zeker wordt door verhitten van hard water dus bicarbonaat in carbonaat omgezet, en dat slaat neer met de calciumionen als calciumcarbonaat.
Wat overigens makkelijk weer op te lossen is met om het even welk zuur - bijvoorbeeld azijn.
Ik hoop dat dat de dingen wat duidelijker maakt!
Er zijn nog geen reacties op deze vraag.
Enkel de vraagsteller en de wetenschapper kunnen reageren op een antwoord.
chemie, organische chemie, organische synthese, materiaalwetenschappen, organische electronica, kristallografie, x-straaldiffractie, structuur-eigenschapsrelaties, organische zonnecellen