Paarden hebben net als de mens zowel "staafjes" als "kegeltjes" in de lichtgevoelige laag van hun ogen. Daar waar de staafjes helpen om het onderscheid te maken tussen licht en donker, dienen de kegeltjes om de verschillende kleuren te kunnen waarnemen.
Mensen hebben 3 soorten kegeltjes: een om licht met een korte golflengte te kunnen onderscheiden (zoals de kleur blauw), één voor de lange golflengtes (kleur rood) en één voor de golflengtes tussenin (groen). Door deze basiskleuren te combineren zijn mensen in staat om alle kleuren van de regenboog te zien.
Paarden hebben slechts 2 soorten kegeltjes: één die reageert op korte golflengtes en een andere die gevoelig is voor langere golflengtes. Met andere woorden: paarden kunnen wel kleuren onderscheiden, maar niet zo goed als de mens. Uit proeven met kleurenblindheidskaarten die specifiek voor paarden werden ontwikkeld is duidelijk geworden dat paarden kleuren zien zoals mensen die specifiek kleurenblind zijn voor rood en groen: paarden kunnen bijgevolg blauw en geel waarnemen en van elkaar onderscheiden, maar kunnen het onderscheid tussen rood en groen niet maken.
Er zijn nog geen reacties op deze vraag.
Enkel de vraagsteller en de wetenschapper kunnen reageren op een antwoord.
Veterinaire Morfologie: Embryologie incl. teratologie Anatomie Histologie