Dag Eefiene,
Telefoons waren vroeger groot omdat de technologie die nodig was om ze klein te maken nog niet bestond. Ongeveer tot het jaar 2000 pasten telefoons niet in je broekzak omdat bijvoorbeeld antennes, batterijen en elektrische onderdelen tot tien centimeter groot moesten zijn om de telefoon te laten werken. Als je dat allemaal samen in een telefoon steekt, past die natuurlijk niet in je broekzak. De kleine telefoons zijn er gekomen dankzij een verbetering van de technologie.
Sinds de komst van de smartphone is die trend inderdaad omgedraaid. De grotere toestellen zijn er gekomen om twee redenen:
In principe is er dus geen reden om telefoons te verkleinen, zolang het maar in de zak van de mensen past. Als je nóg grotere telefoons wil, kan je creatief zijn: tegenwoordig bestaan er terug vouwtelefoons. Als je die uitvouwt, heb je een veel groter scherm. En als je klaar bent, plooi je ze op en past de telefoon terug in je broekzak.
Er zijn nog geen reacties op deze vraag.
Enkel de vraagsteller en de wetenschapper kunnen reageren op een antwoord.
Neurotechnologie, biomedische ingenieurswetenschappen en technologie