Hoe werd iemand vroeger peter of meter? Werd deze ook aangewezen door de ouders?

Willem, 22 jaar
13 juni 2021

Gezien de dooppeter- en meter o.m. erover moe(s)ten waken dat het kind een degelijke katholieke opvoeding kreeg/krijgt, vroeg ik mij het volgende af. Werden peters en meters vroeger door de pastoor aangewezen of vroeg deze tijdens het doopsel aan de aanwezigen wie er die taak wou opnemen? Of gebeurde de aanwijzing toen ook al door de ouders zoals tegenwoordig gebeurt?

Antwoord

Ouders kiezen en kozen doopouders. Priesters konden enkel toezien op de toelatingsvoorwaarden, maar hebben nooit een toewijzingsrol gehad. Bij alle Christelijke strekkingen is de keuze aan de ouders, zij het met wat regels die hieronder zijn aangegeven. Omdat het gaat om een plaatsvervangende geloofsbelijdenis, wordt meestal vereist dat de kandidaat-doopouders meerderjarig zijn en lid zijn van dezelfde geloofsgemeenschap als het kind. Een oplossing voor die laatste voorwaarde is dat andersgelovigen kunnen optreden als ‘getuige’ van een doop, eerder dan als dooppeter of –meter.

Doopouders hangen samen met kinderdopen, en die kwamen in het Christendom pas in de 2de eeuw op. Het probleem bij kinderdopen was dat onmondige kinderen toch een zekere geloofsbelijdenis moesten doen, en dat men daarvoor dus een plaatsvervangende volwassene zocht, meestal één van de ouders – Augustinus beklemtoonde in de 5de eeuw nog dat enkel bij hoge uitzondering iemand anders dan de natuurlijke ouders dat kon doen. Op één eeuw tijd kantelde dat helemaal en ontstonden doopouders zoals we die nu kennen: in de Corpus Iuris Civilis van Justinianus, begin 6de eeuw, staat net dat doopouders bij voorkeur NIET de ouders zijn, en in de synode van Mainz (813) werd het ouders en andere familieleden zelfs helemaal verboden om die rol op te nemen (behalve grooutouders). In dezelfde periode ontstonden trouwens ook communie-ouders, naast doopouders, iets waar het Concilie van Trente in de 16de eeuw een eind aan maakte.

Verschillende christelijke strekkingen hebben verschillende regels omtrent doopouderschap. Bij sommige protestanten zijn de doopouders enkel getuigen van een doop; bij lutheranen mag men doorgaans slechts van één kind tegelijk doopouder zijn; calvinisten duiden doorgaans slechts één doopouder per kind aan; bij katholieken mag men al vanaf 16 jaar doopouder worden en is het aantal doopouders per kind en doopkinderen per doopouder onbeperkt, maar zijn ouders uitdrukkelijk uitgesloten; anglikanen kiezen drie doopouders, waarvan één van een ander geslacht; in sommige orthodoxe kerken is de getuige van het huwelijk gewoonlijk de doopouder van alle kinderen uit dat huwelijk, en kiest zij of hij ook de voornamen. In 2015 nog verstrengde de katholieke kerk de voorwaarden door transgender personen uit te sluiten als mogelijke doopouders.

In ‘Montaillou’ van Emmanuel Le Roy Ladurie staat een prachtig hoofdstuk over de keuze van doopouders in dat kathaars dorpje in de vroege 14de eeuw, en alle motieven die daarbij speelden. Ook toen en daar waren het de ouders die kozen, en daarmee vriendschappen verdiepten tot hun ‘compadres’ en ‘comadres’.

Reacties op dit antwoord

Er zijn nog geen reacties op deze vraag.

Enkel de vraagsteller en de wetenschapper kunnen reageren op een antwoord.

Zoek andere vragen

© 2008-2024
Ik heb een vraag wordt gecoördineerd door EOS vzw