Wekelijks speel ik met 3 vriendinnen scrabble.
En wekelijks ontstaat er discussie tussen ons wanneer ik een bepaalde vervoegingsvorm van een werkwoord gebruik, zoals bijvoorbeeld
men 'neme' een ei, men 'kloppe' het in de pan,...
(dikwijls heel gunstig voor de puntenscore).
De anderen menen dat deze vervoeging niet bestaat,
maar er is toch de uitdrukking "de koning is dood, 'leve' de koning".
Mijn vraag aan u is dus of deze vervoeging al dan niet bestaat,
en zo ja, hoe ze heet en hebt u enige uitleg bij de aanwending ervan.
Geachte mevrouw Wencke,
Jazeker, werkwoordsvormen als neme, leve en kloppe bestaan. Het zijn conjunctieven. De conjuctief wordt ook wel eens aanvoegende wijs genoemd. De conjunctief staat naast de indicatief (de aantonende wijs). De indicatief kennen we heel goed. De indicatief presens (onvoltooid tegenwoordige tijd) van leven is ik leef, jij leeft ... De indicatief imperfectum (onvoltooid verleden tijd) is ik leefde, jij leefde ... De conjunctief komt niet meer zo heel vaak voor. Vroeger was die veel gebruikelijker. In het Duits is die nog springlevend. In het Nederlands veel minder. De conjunctief komt overeen met de Franse subjonctif. Zoals de indicatief komt ook de conjuctief voor in de tegenwoordige tijd en in de verleden tijd. Vandaag nog bijna uitsluitend in de derde persoon enkelvoud. Hij wordt dan gevormd door een -e toe te voegen aan de stam: hij leve, zij kome ...; hij ware, zij kwame. De conjunctief wordt gebruikt om een wens, een verlangen, een aansporing, een onwerkelijkheid, een doelgerichtheid uit te drukken. Dat u die conjunctief of dat uw vriendinnen die conjunctief niet meer actief of bewust kennen, komt doordat de conjunctief nu meestal alleen nog in enkele vaste woordcombinaties, in formuleachtige woordcombinaties voorkomt: koste wat het kost; redde wie zich redden kan; leve de koning; leve Jan; Gelieve de deur dicht te laten; Uw rijk kome; Uw wil geschiede op aarde als in de hemel; Het ga u goed (waarbij de conjunctief van gaan dus ga is); het zij zo (waarbij de conjuctief van zijn dus zij is); God hebbe zijn ziel; Men zegge het voort; Wel bekome het u; Begrijpe wie kan; God zegene u; Moge de Heer het offer uit uw handen aannemen. Ook in recepten: men neme twee eieren (hier dus voor een soort aansporing, een instructie). In theorie kun je dus van elk werkwoord een conjunctief maken, als zal die theoretische vorm vaak maar hoogst zelden in hedendaags Nederlands in normale communicatie gebruikt worden. De conjunctief is ook nog zichtbaar in als het ware, tenzij (= 't en zij), dankzij (= dank zij), hetzij (= het zij), Godzijdank (= God zij dank). Er zijn nog wel meer van die gevallen.
Dan volgen hier nog enkele bewijzen van het voorkomen van de conjunctief in recente geschreven taal van tijdgenoten (e-mails en artikelen die in de voorbije tien jaar geschreven zijn):
- "Moge 2008 een goed jaar worden voor Nederlands van Nu." (een e-mail uit 2007)
- "Men beschouwe de bijzinnen in (...)" (een tekst uit 2008)
- "Wie dacht dat de rol van de koning het grootste probleem was van Verhofstadt III, denke opnieuw. (De Tijd, 13-02-2008)
- "Uiteindelijk ben ik ook redacteur, zij het slechts van het krantje van mijn schaakclub." (e-mail 2013)
- "Dat het eigenzinnige Rundskop aansloeg bij een breed publiek, was dan ook een complete – zij het aangename – verrassing." (een tekst uit 2013)
- "Men neme daarom het woord groepsgedrag volkomen letterlijk: het is gedrag van de groep." (Joop van der Horst, Taal op drift, 2013, p. 349)
- "Het beeld moge weinig scherp omlijnd zijn, vaak zelfs hinderlijk diffuus, maar het is een beeld." (Joop van der Horst, Taal op drift, 2013, p. 359)
- "Men verkijke zich niet op de praktische (on)uitvoerbaarheid." (2013)
- "Vergeve het gebruik van achternamen." (Sprekersbriefing Het Schoolvak Nederlands, 29 & 30 nov. 2013)
Met vriendelijke groet,
Peter Debrabandere
Katholieke Hogeschool VIVES (Brugge)
Er zijn nog geen reacties op deze vraag.
Enkel de vraagsteller en de wetenschapper kunnen reageren op een antwoord.
Nederlands Specialismen: Nederlands (algemeen), Nederlands in Belgiƫ (Belgisch-Nederlands), Standaardnederlands, taalnormen, taalveranderingen, taalzorg, taaladvies