Dag Jolien
Hieronder vind je het antwoord op je vraag.
Iemand die meer dan honderd jaar oud is, kun je het beste een honderdplusser noemen. Dat is het meest precieze woord. Met honderdplusser benoem je dus niet alleen mensen die precies honderd jaar oud zijn, maar ook mensen die ouder zijn dan honderd.
Daarnaast bestaan ook de woorden eeuweling en honderdjarige. Die woorden betekenen eigenlijk 'iemand die precies honderd jaar oud is', maar in werkelijkheid zie je dat die woorden ook gebruikt worden voor 'iemand die honderd jaar of ouder is'. Dat laatste is eigenlijk niet logisch. Een honderdéénjarige is niet hetzelfde als een honderdjarige. En toch worden honderdjarigen, honderdéénjarigen, honderdtweejarigen enzovoort vaak allemaal samen ook met het woord honderdjarigen of eeuwelingen aangeduid.
Maar als je dus toch ondubbelzinnig wilt zijn, kun je het beste spreken van honderdplussers. Dat woord komt ook het meest voor.
Met vriendelijke groet van
Peter Debrabandere
Er zijn nog geen reacties op deze vraag.
Enkel de vraagsteller en de wetenschapper kunnen reageren op een antwoord.
Nederlands Specialismen: Nederlands (algemeen), Nederlands in Belgiƫ (Belgisch-Nederlands), Standaardnederlands, taalnormen, taalveranderingen, taalzorg, taaladvies