Beide getallen zijn van dezelfde orde.
Het antwoord gaat allicht als volgt: in het stuk van het heelal dat we kunnen zien zijn er van de orde van 100 tot 1000 miljard sterrenstelsels, en sterrenstelsels bevatten tussen de 1 miljoen en de duizend miljard sterren.
Waaruit direct blijkt dat het antwoord eigenlijk dubbelzinnig is. Er zijn namelijk grote en kleine sterrenstelsels. Het onze is niet het grootste, maar er zijn er veel meer die kleiner zijn dan er zijn die groter zijn. Een willekeurig sterrenstelsel bevat dus duidelijk minder sterren dan er sterrenstelsels in het zichtbare heelal zijn. Maar het allegrootste sterrenstelsel bevat er misschien meer. Al twijfel ik daaraan, want de (vele) kleine sterrenstelsels kunnen we minder goed zien, zodat we geneigd zijn hun aantal te onderschatten.
Er zijn nog geen reacties op deze vraag.
Enkel de vraagsteller en de wetenschapper kunnen reageren op een antwoord.