De draden van een spinnenweb zijn kleverig: als er een vlieg of een ander insect in het web terecht komt, dan blijft die plakken. Maar waarom blijft een spin niet in z'n eigen web kleven?
Veel spinnen maken een web. De bekendste zijn de wielwebspinnen; hun web lijkt op een wiel. ’s Morgens als er dauwdruppels aan zo’n web hangen kan je die vorm heel mooi zien. Een spin bouwt haar web in een aantal stappen: eerst spint ze een lange draad die ze met de wind mee laat voeren. Raakt die draad ergens aan een tak of een muur, dan kan de spin echt van start gaan. Ze legt de spaken van het wiel aan en begint van binnen naar buiten spiraaldraden te leggen. Het geheim van het web is dat niet alle draden van kleverig zijn: de spiraaldraden wel en de spaken niet. Eens haar web klaar is gaat de spin er middenin zitten. Het midden van het web is als een controlecentrum: hier komen alle spaken samen. Als er een vlieg verstrikt geraakt in de kleverige spiraaldraden, dan voelt de spin aan het trillen van de spaken exact waar in het web die vlieg juist vastzit. Ze loopt vliegensvlug langs de (niet kleverige) spaken, tot bij de vlieg, wikkelt die helemaal in en voorziet zichzelf van een lekker hapje.
Er zijn nog geen reacties op deze vraag.
Enkel de vraagsteller en de wetenschapper kunnen reageren op een antwoord.