Geachte,
Reeds lang stel ik mij die vraag zonder een aansluitend antwoord te mogen ontvangen.
Waarom tellen de Fransen vanaf 6o en 80 door, t.t.z. soixante-dix en quatre- vingt douze bvb.
Met dank bij voorbaat.
Frans Everaert.
Beste Frans,
het Franse telsysteem vertoont kenmerken van een vigesimaal systeem. In een dergelijk systeem wordt er niet per 10 geteld (zoals in een decimaal systeem) maar per 20. Een behoorlijk aantal talen in de wereld maakt van een dergelijk systeem gebruik. Bijvoorbeeld, in het Welsh is twintig ugain, veertig deugain (twee maal twintig), zestig trigain (drie maal twintig). Het Mayatelsysteem gaat hierin bijzonder ver en rekent niet met hondertallen en duizendtallen (machten van tien) maar met machten van twintig. Het huidige Frans heeft een gemengd systeem: tot en met 69 is het systeem decimaal, maar van 70 tot en met 99 is het systeem vigesimaal. Naast vigesimaal en decimaal komen nog andere telsystemen voor in de talen van de wereld, al zijn die zeldzamer. Een duodecimaal systeem, bijvoorbeeld, telt per twaalf (zoals wanneer we spreken over dozijnen en grossen). De grondtallen van een telsysteem zijn typisch cultureel prominente aantallen - vb. we hebben 10 vingers, 20 vingers en tenen - die ook makkelijk delingen toelaten.
Vigesimale systemen zijn dus niet ongebruikelijk. Waar het Frans zijn vigesimale systeem vandaan haalt is echter een moeilijker probleem. Hier zijn minstens drie mogelijke verklaringen:
1. Het vigesimale systeem komt uit het Gallisch. Gallisch was een Keltische taal, en de huidige Keltische talen, zoals het Welsh (cf. supra) of het Iers, hebben vigesimale systemen. Het Frans kan dus een vigesimaal systeem geërfd hebben van een Keltisch substraat. Het lijkt echter wat onwaarschijnlijk dat de Romeinen met hun zeer ontwikkelde Latijnse decimale systeem in Frankrijk een Gallisch telsysteem zouden hebben overgenomen. Bovendien is het enige bekende Gallische telwoord, tricontis (voor dertig), duidelijk decimaal.
2. Het vigesimale systeem zou afkomstig kunnen zijn van de Noormannen. Deze verklaring kan wel kloppen voor een paar vigesimale vormen in Latijnse handschriften uit Groot-Brittannië, afkomstig van plaatsen onder Noorse invloed. Voor het Frans is er echter het tegenargument dat de huidige vigesimale vormen net ontbreken op de kanaaleilanden, waar Noorse/Normandische invloed nu net te verwachten valt.
3. De vigesimale vormen kunnen spontaan ontstaan zijn. In zestiende-eeuws Frans lijken de vigesimale vormen voor te komen onder het gewone volk (handelaars, landbouwers, enz.) maar niet onder de gecultiveerde bevolking, wat er inderdaad kan op wijzen dat het gaat om een ontwikkeling die zich 'van onderuit' verspreidde. Het feit dat het vigesimale systeem zich niet verspreid heeft naar Wallonië, Artois, Lorraine, Vlaanderen, en Zwitserland (waar men wel de vormen septante en nonante gebruikt) kan dan meteen ook verklaard worden, want die regios vielen al buiten de invloedsfeer van Frankrijk, toen het vigesimale systeem nog opgang maakte.
De derde verklaring is wellicht de meest plausibele, maar sluitend bewijs is er niet.
Bron: Glanville Price. 1992. Romance. In: Jadranka Gvosdanovic (ed.). Indo-European Numerals. Berlin: Mouton.
Er zijn nog geen reacties op deze vraag.
Enkel de vraagsteller en de wetenschapper kunnen reageren op een antwoord.