Je zou kunnen zeggen dat de middelpuntvliedende kracht in evenwicht is met de aantrekkingskracht van de atoomkern, maar hoe komt het dan dat die krachten precies gelijk zijn?
(Als voorbeeld kunnen we het waterstofatoom nemen. Hoe is het principe dan bij ingewikkeldere atomen?)
Dag Rony,
Jij had gehoopt hier snel en makkelijk een antwoord op te krijgen, nietwaar? Helaas is niet alles zo simpel echt uit te leggen. In het begin van vorige eeuw hebben vele wetenschappers zich hier jaren aan een stuk het hoofd over gebroken, en het resultaat daarvan was de kwantummechanica.
Op zich is er met jouw verklaring niks mis - dat is namelijk precies hoe de planeten rondom de zon draaien. De aantrekkingskracht van de zon is precies gelijk aan de middelpuntsvliedende kracht, en de planeet beschrijft dus een in eerste benadering cirkelvormige baan rondom de zon. Waarom die krachten precies gelijk zijn heeft als reden dat het een zelfregulerend systeem is - zou je de aantrekkingskracht van de zon plots groter kunnen maken, dan komt de planeet sneller en dichterbij draaien tot het systeem weer een nieuw evenwicht bereikt.
Maar die atoomkern nu ... volgens de klassieke mechanica zou dit dus perfect mogelijk zijn, ware het niet dat een electron een lading heeft. En een lading die accelereert zendt elektromagnetische straling uit, verliest dus energie, en eindigt inderdaad door neer te storten op de kern.
Niels Bohr, een Deens wetenschapper, voerde in 1913 een gedachtenexperiment uit waarbij hij vooropstelde "laat ons nu eens aannemen dat een elektron de klassieke wetten van de mechanica niet volgt, en geen elektromagnetische straling uitzendt of energie verliest als het een versnelling ondergaat door in een cirkelvormige baan rond een atoomkern te draaien". De uiteindelijk daaruit voortvloeiende conclusies kwamen wonderwel overeen met experimentele waarnemingen. Op die manier heeft de natuur ons wetenschappers voor voldongen feiten gesteld, en we hebben moeten inzien dat dingen op zeer kleine schaal zich heel anders gedragen dan wat we in onze gewone waarnemingswereld observeren. Als je het hebt over "grote" afstanden, massa's en energieën, dan blijkt dat de kwantumtheorie op grote schaal onze dagdagelijkse ervaringen weerspiegelt, maar als je hele kleine dingen gaat bekijken, wordt alles een beetje contra-intuïtief.
Dat is echter niet zo erg, het experiment heeft altijd het laatste woord, en als een theorie zoals de kwantumtheorie een breder gamma aan experimentele resultaten beter kan verklaren dan de klassieke elektromechanica, dan moeten we daar maar mee leren leven, hoe eigenaardig de implicaties daarvan soms ook mogen lijken.
Er zijn nog geen reacties op deze vraag.
Enkel de vraagsteller en de wetenschapper kunnen reageren op een antwoord.
chemie, organische chemie, organische synthese, materiaalwetenschappen, organische electronica, kristallografie, x-straaldiffractie, structuur-eigenschapsrelaties, organische zonnecellen