Ik heb een vraag - homepage

Waarom smelt ijs wanneer er zout op gestrooid wordt?

pijl08/01/2009 - Van hammée (19 jaar)

ChemieContext van de vraag:

Nu met deze erg lage temperaturen hoor je dat er gestrooid wordt. Nu vraag ik mij af waarom ijs juist smelt wanneer er zout (NaCl dus) opgestrooid wordt. Is de reactie van H2O + NaCl dan exotherm? En hoe komt dat dan?


Antwoord

Beste Dieter,

Door een stof zoals NaCl met water te mengen zal het vriespunt van het water dalen. Er hoeft hier geen reactie te gebeuren om dit te verkrijgen. Enkel moet de stof die je bij je oplosmiddel toevoegt, oplossen. In een auto wordt vaak ethyleenglycol toegevoegd als antivries middel aan de koelvloeistof. Hierdoor wordt het koelwater dat nodig is in je auto beschermd van bevriezen. Ethyleenglycol is een product dat kan oplossen in water maar het zal niet ontbinden in het water. NaCl echter is een zout dat zal splitsen in ionen wanneer je het in water brengt. In oplossing hebben we dan een mengsel van Na+ en Cl- ionen, het aantal deeltjes wordt hierdoor verdubbeld t.o.v. het voorbeeld met ethyleenglycol. 

Je hoorde misschien reeds dat NaCl werkbaar is tot vriestemperaturen van ongeveer -10°C. Bij lagere temperaturen zal ook dit mengsel bevriezen. Voor lagere vriestemperaturen moeten we andere zouten gebruiken. We kunnen hiervoor bijvoorbeeld CaCl2 nemen, we krijgen met dit zout 3 ionen in oplossing (1 Ca2+ en 2Cl- ionen) en dus een hogere vriespuntsdaling. 
Nog een belangrijk voorbeeld om het ijs te laten smelten is dat er op het ijs en zout gereden of gelopen wordt. Door het rijden of lopen zal door de druk uitoefening het ijs smelten tot water en zo kan het zout zich mengen met het water. Het mengsel heeft een lagere vriespunt en zal niet meer opnieuw bevriezen. Preventief strooien is ook een goed idee, het zout kan dan onmiddellijk oplossen met de neerslag.

Deze vraag werd beantwoord door:
Stijn De Jonge
Docent

GROEP T - Internationale Hogeschool Leuven
GROEP T - Internationale Hogeschool Leuven
IMEC
IMEC
 
Enkel de vraagsteller en de wetenschappers kunnen reageren op deze vraag en het antwoord.