Ik heb een vraag - homepage

Na een positieve Elisa HIV-test, zeiden de volgende twee screeningtests dar er geen HIV-eiwitten in het bloed aanwezig waren, maar de antistoffen twijfelachtig positief waren. Hoe kan dit?

pijl25/11/2008 - Nathalie (27 jaar)

GezondheidContext van de vraag:

Omwille van een verzekering diende er een bloedonderzoek te gebeuren van mezelf en mijn partner. De HIV-test voor mijn partner was positief. Het bloedstaal werd doorgestuurd naar Leuven om extra onderzoek te laten gebeuren. De uitslag hiervan was, op zijn minst gezegd, verrassend. De test op aanwezigheid van HIV eiwitten was negatief, de test voor de antistoffen voor het HIV eiwit was twijfelachtig positief. Hoe moet deze uitslag nu geïnterpreteerd worden, hoe kan iets twijfelachtig positief zijn? En hoe kan het dat er mogelijks antistoffen voor een eiwit in het lichaam aanwezig zijn als het eiwit zelf niet aanwezig is?


Antwoord

De testen die naar infectie zoeken ("screeningstesten"), zijn heel gevoelige en betrouwbare testen die antilichamen opsporen. Zoals alle testen werken ze niet 100% correct, en zal er af en toe (in de orde van 1 percent of minder van de stalen) een vals positief resultaat opgemerkt worden. Omdat HIV infectie zeldzaam is zal op het totaal aantal positieven een behoorlijk deel dus vals positief zijn. Daarom worden alle positieve screeningstest resultaten vervolgens hertest met een andere methode, zogenaamde "confirmatietesten". Hierbij worden antilichamen, virale eiwitten en ev. viraal genetisch materiaal opgespoord. Slechts als deze testen positief zijn wordt het staal als echt positief beschouwd. Een negatieve confirmatietest na een positieve screening is om hogervermelde reden niet echt verrassend, en treedt op zonder dat er ergens een fout gemaakt is in de laboratoria.

Het eiwit van HIV dat opgespoord wordt zal detecteerbaar zijn vroeg in de infectie, maar kan nadien tijdelijk verdwijnen. Antilichaam en eiwit hoeven dus niet samen voor te komen.

Sommige mensen blijken vaker vals positief te scoren in screeningstesten, door aanwezigheid in het bloed van (niet tegen HIV gerichte) antilichamen of andere stoffen die de tests verstoren. Als de confirmatie negatief is, is er geen reden voor ongerustheid. Is er nog twijfel, dan kan een herhaalde bepaling op een nieuw staal, enkele weken na het eerste meer duidelijkheid brengen. Dit kan in overleg met de huisarts.

Deze vraag werd beantwoord door:
Prof. dr. Bruno Verhasselt
Docent

Universiteit Gent
Universiteit Gent
 
Enkel de vraagsteller en de wetenschappers kunnen reageren op deze vraag en het antwoord.